Recensies

Over Noordgeest:

Trouw 29 NOV 2014 recensie door Jann Ruyters

“Ricus van de Coevering is nog maar net aan zijn tweede roman toe, maar hij weet hoe je een sfeer oproept. Trefzeker en gedetailleerd schetst hij in Noordgeest de wereld van zeevarend handelaar Willem Noordgeest. (…) Hij is een oprecht idealist, vol liefde voor zijn (net overleden) vrouw en opgroeiende kinderen, maar ook een naïeve man zonder enig zelfinzicht. (…) Zo voorvoel je in Willem vrij snel een Jörgen Hofmeester – held uit Grunbergs Tirza – die in zijn hang naar macht en controle onherroepelijk zal ontsporen. Maar in zijn naïviteit blijft hij iets milds en aandoenlijks houden. (…) Ook mooi is hoe Van de Coevering de parallel tussen verleden en heden een nieuwe dimensie geeft als dochter Rosaline op haar beurt naar Ghana trekt. Dat maakt van Noordgeest een rijke, betekenisvolle familieroman, misschien minder urgent dan aanvankelijk lijkt, maar van een talentvol schrijver van wie we nog veel gaan horen.”  

.

.

NRC handelsblad 21 NOV 2014 recensie door Sebastiaan Kort

 * * * *

“Ricus van de Coevering beleefde in 2007 een mooie start met zijn pakkende en originele debuut Sneeuweieren. Het kreeg fijne recensies, is aan de vijfde druk toe en werd bekroond met de Academica Literatuurprijs. (…) Zeven jaar na zijn debuut komt hij eindelijk met een nieuwe roman. Die laat zich lezen als een spiegel van het Nederlandse nationalisme van de laatste tien jaar. (…) Dit is zorgvuldig proza dat perfectionisme verraadt. Narratief gezien is het een kunstige puzzel; aan scènes is duidelijk lang gewerkt en de details verraden dat de schrijver zich flink in het onderzoek heeft gestort om ook de details te laten kloppen. (…) Boeiend aan de roman is dat je gaandeweg vergeet dat hij in de huidige tijd speelt. Willem Noordgeest, de man om wie het drama is gebouwd, leeft in de jaren negentig van de twintigste eeuw, maar zit met z’n kop in de zeventiende en achttiende. (…) Wie goed oplet zal merken dat het bij Van de Coevering allemaal naar tijdloosheid verwijst.”

Voor de gehele recensie zie Blendle.

 .

.

De Telegraaf 6 DEC 2014 interview door Annet de Jong

*****

“Opvallend tijdloos. Rijke roman over familie-eer en schone schijn.”

.

.

Het Parool 17 JAN 2015 interview Kunst & Media

“De familiegeschiedenis, het decor, het grachtenpand: Noordgeest ademt Amsterdam.”

.

.

Eindhovens Dagblad (Wegener) 06 NOV 2014

“Ook tweede roman Ricus van de Coevering is een voltreffer. Schrijver Ricus van de Coevering debuteerde in 2007, het duurde even maar sinds vandaag is hij terug met de roman Noordgeest, waarin hij het verhaal vertelt van Willem Noordgeest en zijn familie. (…) Willem Noordgeest heeft maar één echt doel in het leven: de eer van de familie herstellen en het Amsterdamse grachtenpand van zijn voorvaderen weer in zijn bezit krijgen, ondanks de moreel nogal twijfelachtige drijfveren van de familie in het verleden. Voor zijn eigen gezin is dit streven vaak uitermate belastend. Als Noordgeests dochter Rosa in verzet komt tegen haar vader, lopen de spanningen steeds hoger op. (…) Ondanks het feit dat Noordgeest zijn hele omgeving poogt te controleren, wordt hij uiteindelijk ingehaald door de familiegeschiedenis. Van de Coevering heeft met Willem Noordgeest een haast ‘Rosenboomiaans’ personage geschapen, een man die zich laat leiden door de denkbeelden en de verheerlijking van het verleden, zonder enige zelfreflectie of gevoel voor het Nu. (…) Ricus van de Coevering schrijft nuchter en zonder franje, wat het verhaal alleen maar ten goede komt. Het personage is zo overtuigend beschreven dat je hem als lezer het liefst bij zijn kraag wilt pakken en wakker schudden. De combinatie van afkeer en medelijden die de auteur weet op te roepen, zorgt er voor dat de roman blijft boeien. Tot op het laatste moment. Van de Coeverings tweede roman heeft lang op zich laten wachten, maar: Rome is ook niet in één dag gebouwd. Is er dan ook een minpunt te vinden bij deze roman? Jazeker, hij is te kort! Van zo’n prachtig boek wil je als lezer graag veel langer genieten.”

Voor de hele recensie Blendle.

 

 

NPO / NOS Radio 1 Met het oog op morgen

“Een ambitieuze roman over een bonkige man. En hét bewijs dat een man wel degelijk twee dingen tegelijkertijd kan.” Het interview is hier te beluisteren.

 .

De Telegraaf 27 DEC 14 recensie

***** 

“Ricus van de Coevering (…) komt met een ijzersterke opvolger. Willem Noordgeest heeft het verleden als toekomstdroom. Zijn voorvader was medeoprichter van de VOC en stamt uit een chique familie die aan de Gouden Bocht woonde. Zelf is hij niet meer dan een slagerszoon die probeert de Noordgeest-grandeur te herstellen. Daar slaagt hij materieel in, maar ondertussen is hij moreel in verval. (…) Langzaam maar trefzeker ontvouwt de schrijver hoe dat zo gekomen is. Kippenvel.”

.

Gazet van Antwerpen (6 februari 2015)

“Boeiend en intrigerend.”

.

Brabant Cultureel Magazine (jaargang 64, nr 1, FEB 2015)

“Maar er is nog meer dat beide romans (Sneeuweieren en Noordgeest) gemeen hebben, hoezeer ze ook verschillen. Beide keren beschrijft Van de Coevering gedetailleerd het milieu en de situaties waarin zijn verhaal speelt, maar zonder daarvoor veel schilderende adjectieven nodig te hebben. Of het nu gaat om het Oostbrabantse platteland, de moerassen, kippenrennen en de brandlucht van het finale zoenoffer of om het statige grachtenpand, het achterliggende benepen koetshuisje waarin de mislukte nazaten terecht kwamen, het bloederige slagerswerk van grootvader Noordgeest of het langzaam stijgende water waarin hoofdpersoon kapitein Willem Noordgeest bij een schipbreuk dreigt te verdrinken; het is allemaal even nauwkeurig en zonder effectbejag geschreven, waardoor de lezer gelooft in het verhaal. Van de Coevering bedrijft fictie, maar fantaseert niet. Zijn verhalen, of het nu gaat om een tragische boerenroman of om een nageleefd VOC-verhaal, lijken zo aan de werkelijkheid ontleend, zonder dat hij vervalt in eng realisme. Geen spruitjeslucht, geen kamertjeszonde – hoewel in beide romans een gefnuikt erotisch leven fors bijdraagt aan het tragische einde – geen gewroet in de kleinburgerlijke ziel, maar een ambitieus en even spectaculair mislukt bestaan.” — Camiel Hamans

.

Ons Amsterdam Magazine (sinds 1949, jaargang 2015, maart)

“Willem Noordgeest heeft het er maar moeilijk mee. Opgegroeid als zoon van een tirannieke slager in de grachtengordel ziet hij het als zijn queeste het verbleekte blazoen van zijn familie tot hoogglans op te poetsen. Zijn voorvaderen vergaarden in de Gouden Eeuw een fortuin met slavenvervoer, maar daar is niets meer van over. Wat rest is de treffend beschreven weeë geur van de slagerij. Willem legt zich daar niet bij neer. Maar dat wat hij met grote vastberadenheid in ere heeft hersteld – de familie-eer en het daarbij behorende grachtenpand – piept en kraakt in al zijn voegen. (…) In een prachtig opgebouwd, beklemmend verhaal sluipt het verval de pagina’s binnen. Hoe meer Willem zich vastklampt aan het verleden, hoe meer zijn kinderen zich van hem afkeren. Tot hem niets dan aftakeling rest. Maar wel een prachtig beschreven aftakeling. Ricus van de Coevering kan er wat van.” — Marcella van der Weg

.

Athenaeum Boekhandel Haarlem

“De tragische ondergang van Willem Noordgeest en de moeizame verhouding met zijn kinderen is prachtig beschreven in heldere, precieze taal. Het verhaal wordt rustig verteld maar is zo meeslepend dat je het boek niet weg kunt leggen. Van Harte aanbevolen!” — Coen Vermaas

.

Toespraak Allard Schröder bij de presentatie van Noordgeest 06 NOV 14

 

“Geachte aanwezigen,

Laat ik mezelf even voorstellen. Allard Schröder.

Aangenaam. Ik ben auteur en Hollander, al heb ik aan dat laatste wel even moeten wennen, omdat ik uit Groningen kom en men zich daar niet zo noemt. Uiteindelijk ben ik er toch één geworden en daarmee ook een beetje erfgenaam van Hollandse geschiedenis. Als ik in de stad naar die oude mooie huizen kijk, die een beetje bazig voorover leunen, omdat ze eigenlijk willen weten wat ik daar doe, voel ik de last van mijn eigen jaren niet. Tevreden gezapigheid daalt in mij af en meewarig bekijk ik de tourist die zich met boekjes, vodjes en foldertjes een weg baant door een wereld die niet voor hem is gebouwd. Ik ben hier thuis. Knusse gedachte. Behaaglijk ook.

In de roman Noordgeest van Ricus van de Coevering liggen de zaken anders. Daarin leeft een ander Amsterdam, een stad die geen décor is. Daar slaat bij wijze van spreken de zee nog tegen de kademuren van de Prins Hendrikkade, krijsen de meeuwen. En vandaar is het ineens niet meer zo ver naar de wijde wereld, naar Ghana, naar de oude Slavenkust waar de held Noordgeest zal stranden. Ik zeg held, omdat hij dan nog zo ruikt. Een man uit één stuk is hij, met een bedrieglijk hoog Jan de Hartoggehalte. Schipper naast God. De held is nog sterk en sympathiek. Verder wil ik alleen over hem loslaten dat we aan het eind van de roman zullen weten dat ook deze Hollandse held – als zoveel van zijn soort – en lotgenoten – niet ongeschonden door het leven is gekomen.

Ricus van de Coevering is een kordaat auteur, die zonder omhaal op zijn doel afgaat, hij houdt van bruuske wendingen, hij is daar ook goed in. Zo kan Afrika zomaar de plaats van Amsterdam innemen.

Afrika. In mijn kinderlijke verbeelding was dat een oord waar lieden met botje door de neus watertandend missionarissen in kookpotten toebereidden. Wat eigenlijk niet eens zo’n slecht idee was. Enfin, infantiele beelden waren het wel. In Noordgeest treffen we een ander Afrika. Afrika is in Noordgeest de vitale pendant van het Amsterdam van de held, dat inmiddels zucht onder zijn verleden. Afrika is de liefde van de schrijver, zo lijkt het. Ik heb me geen moment afgevraagd of hij er wel of niet geweest is, want ook al is hij er nooit geweest, hij is er geweest. En de lezer ook, wanneer hij Noordgeest uit heeft.

De vader, die de held van de roman ook is, is er één met een hoofdletter, zo heeft de schrijver het in zijn almacht gewild. Onder andere omstandigheden zou hij misschien een patriarch zijn, maar zijn familie is daarvoor te klein. Een reiziger was deze vader-held ooit, iemand die Amsterdam en de zee met elkaar verweven zag in een eeuwig verbond dat in zijn hart, zijn hoofd en zijn genen maar was blijven doorbroeien, maar dat voor zijn directe omgeving een wereld van stagnatie was.

Die directe omgeving was nog jong en haalde de schouders erover op. Waarom? Omdat je overal de schouders over ophaalt als je jong bent. Laat de wereld zich eerst maar eens bewijzen, nietwaar? Tegelijk staat de jeugd hulpeloos tegenover dat verleden, dat zo weinig strookt met haar eigen verlangens en inzichten, maar staat het verleden ook even hulpeloos tegenover de jeugd, omdat het zichzelf niet meer schuldeloos kan uitleggen. In Noordgeest wordt er verantwoording afgelegd, maar de dingen die ooit scheef waren, laten zich niet meer zo eenvoudig rechtzetten.

Ik moet me nu inhouden anders vertel ik hier alles wat in Noordgeest zorgvuldig gedoseerd aan de lezer wordt gepresenteerd, want dosering van de stof is één van de bewonderenswaardige talenten van de auteur. Behendig stuurt Ricus van de Coevering ons aan de hand van zijn protagonisten door zijn geschiedenis. Ja, dat kan hij wel en wij volgen hem daarbij gretig.

Nu moet ik om een andere reden mijn mond houden, want ik ben geen criticus. U weet wel, dat azijn asemend type dat straks de roman uit elkaar zal peuteren en niet meer in staat is hem daarna weer in elkaar te zetten. Wel wil ik het met u nog even over een andere protagoniste hebben, over Ama, een Ghanese prinses – tussen aanhalingstekens dan – die in Amsterdam verschijnt om er trappen te dweilen. Ze is sierlijk, lief, goedlachs. Iedereen houdt van haar. Dan is ze ineens verdwenen en de lezer is vertwijfeld, zoekt haar overal, omdat hij ook van haar is gaan houden; hij zoekt tussen de regels door, in zijn verbeelding, bladert verder in het boek, vindt haar niet… Toch is zij het hart van deze roman, het afwezige hart.

Hoe dat zit moet u zelf maar uitzoeken, wel kan ik onthullen dat Noordgeest een roman is met een intrige die het tot het eind toe spannend houdt en de pot met goud tot het laatst voor u bewaart.

Om terug te keren naar het begin. Noordgeest is een Hollands boek, het is een boek met blauwe en grauwe luchten, met onstuimig water en ijspret, oud en nieuw leven. Het is ook het relaas van een huis dat in Holland staat, een huis met licht en schaduwen, waarin langzaam iets ongemakkelijks groter wordt dat beter klein had kunnen blijven.

Hoe dat allemaal in zijn werk gaat staat hier in. Hiervoor bent u hier. Om dit boek te kopen, het liefkozend tegen de borst te drukken en ermee naar huis te snellen om het op te slaan.

Daar ligt Noordgeest op u te wachten. En vergeet niet een extra exemplaar voor de buren te kopen. De enige die er vandaag één krijgt is Ricus van de Coevering. Het eerste exemplaar is voor hem.”

Allard Schröder

 .

Tzum Literair Weblog, 22 DEC 14, door Guus Bauer

“In 2007 verraste Ricus van de Coevering (1974) met de mooi ingetogen roman Sneeuweieren, die twee jaar later werd bekroond met de Academica Literatuurprijs. Een stilistisch kleinood waarover Thomas Rosenboom zei: ‘Een verrassend mooi verhaal met een krachtige onderstroom die mij meesleurde tot het einde.’ Uit het juryrapport van de debuutprijs: ‘Een roman waarin geen woord te veel staat, een verhaal met een universele reikwijdte.’ Zie dat maar eens te overtreffen of in elk geval te evenaren. Na zeven jaar is de altijd lastige tweede roman Noordgeest verschenen en naar verluidt is er ook al een derde roman zo goed als klaar. Vooropgesteld: het verhaal is interessant, de details kloppen, zijn à la Rosenboom grondig uitgespit, gewikt en gewogen. Op de constructie is niets aan te merken. Een drietal verhaallijnen die elkaar afwisselen en aanvullen. Prima. Het boek leest ook lekker weg, je bent benieuwd hoe het de personages zal vergaan. Er is zogezegd een spanningsboog. Dit alles tezamen levert voor Nederlandse begrippen een bovengemiddelde roman op. (…) Na het op jonge leeftijd overlijden van zijn vrouw aan ‘K’ trekt Willem zich steeds verder terug in de 17e en de 18e eeuw. Slechts het herstellen van het erfgoed geeft hem een zekere rust. Een mooi gegeven, gesymboliseerd in het afbouwen van een replica van een slavenschip van zijn verre voorouders. (…) Ja, de roman gaat ook over projectie van Europese, blanke waarden op het Afrikaanse continent. Er zit steeds een zweem in van kolonialisme en slavenhandel. Een van de oervaders had een werf waarop grote slavenschepen werden gebouwd. Willem is er eerder trots op dan dat hij zich voor zijn afkomst schaamt. (…) Noordgeest is een goede roman over ambities, over hoe ver iemand gaat om zijn waanbeelden waar te maken, om de verloren familie-eer te redden.”

 

 

Over Sneeuweieren:

‘Aangrijpend en wonderschoon.’ – Het Parool

‘Van de Coevering toont zich een bijzonder nieuwsgierige schrijver die midden in het leven staat.’ – NRC Handelsblad

‘Listig houdt Van de Coevering de lezer op het puntje van zijn stoel – om vervolgens die stoel venijnig onder hem uit te trekken.’ – De Groene

‘Hier wordt verdriet en de machteloosheid om daarmee om te gaan op zeldzaam mooie wijze beschreven.’ – Noordhollands Dagblad

‘Het is wat ondankbaar om bij het uitkomen van een boek te roepen: wanneer komt het volgende? Laten we eerst van deze eersteling genieten.’ – Nederlands Dagblad

‘Netjes ingehouden, fijn verzorgd en degelijk geschreven.’ – De Volkskrant

‘Een tijdloos verhaal.’ – Literair Magazine Passionate

‘Een ontroerende miniatuur over liefde en noodlot.’ – BN/DeStem

‘Wanneer je het boek uiteindelijk dichtslaat, houdt het je nog een hele tijd vast omdat het een krachtig en prachtig verhaal is.’ – LTO Nederland

‘Mooi ingetogen debuut.’ – De Telegraaf

‘Een bijzonder fraai debuut.’ – Eindhovens Dagblad

‘Knap is nu dat Van de Coevering zich nergens laat verleiden tot overdreven, stilistische buitensporigheden om de dreigende sfeer te beklemtonen. In een bijna onderkoelde stijl registreert hij de gebeurtenissen die tenslotte tot een climax leiden.’– Friesch dagblad

‘Je wordt meegezogen in het harde bestaan van het boerengezin; je ruikt de kippen, de eieren, je hoort het zoemen van de lopende band.’ – Het Parool en “De Beste Boeken van het Jaar”

‘De laatste hoofdstukken zingen lang na in je hoofd.’ – Leidsch dagblad

‘Het is niet alleen het grote verlangen dat de lezer meesleept. Ook Van de Coeverings stijl en techniek spelen mee. Onopgesmukt, nauwelijks bijvoeglijke naamwoorden, spannende cliffhangers. Van de Coevering is vakman.’ – Brabant Cultureel Magazine

‘Je hebt ze erbij zitten en dit is er één: zo’n schijver van wie je nog nooit hebt gehoord, zonder populaire blog of column, die opeens met een écht goed debuut komt.’ – CJP Magazine

‘Dit boek heeft bestaansrecht op zichzelf en verdient niet alleen te worden bekeken als veelbelovende eersteling. Er is een onderhuidse spanning die maar moeilijk te duiden is.’
– Boekblad / literatuurplein.nl

‘De titel is even intrigerend als de roman zelf.’
– NBD / Biblion

‘Een fabelachtig debuut van een jonge schrijver die zich hiermee glorieus nestelt aan de kop van een jaarlijks aanwassend peloton literaire debutanten.’
– Limburgs Dagblad

Samenvatting juryrapport ECI: “Van de Coevering heeft een uitzonderlijk sterke roman geschreven. Elke zin in Sneeuweieren is de moeite van het lezen waard vanwege de bijzondere formulering en de perfecte plaats in de opbouw van dit prachtige en pakkende verhaal.”Uit juryrapport Academica Debutantenprijs 2009: “Een roman waarin geen woord te veel staat, een verhaal met een universele reikwijdte.”
Enkele reacties op internet:
– 8weekly: ‘De scène waarin Olga in een zelfvervaardigde jurk de kippenschuur betreedt, is weergaloos: er zou een film van moeten worden gedraaid. Waar je als toeschouwer natuurlijk kippenvel aan overhoudt.’ – Scholieren.com: ‘Uit de uitvoerige analyse hierboven blijkt wel dat Ricus van de Coevering een hecht gecomponeerde roman heeft geschreven. Een stevig nummer voor je literatuurlijst. Goed te combineren met een klassieker: “De Metsiers” van Hugo Claus.’
Essays:NRC Handelsblad (18 april 2008, door Arjen Fortuin): Je zult er maar mee getrouwd zijn. Neem Harm. Er komt geen stom woord uit. Hooguit een snauw. Hij slaat zijn zoon met een klomp. Zit vaker bij zijn kippen dan in de keuken aan de maaltijd. Eieren stempelen, eieren tellen, eieren in dozen doen. Kippen controleren, kadavers weggooien. (…) Het boerenbedrijf voer eeuwenlang wel bij een handvol zekerheden: de melk- en voedertijden, de wisseling der seizoenen en de garantie dat in elk boerengezin een zoon zou worden geboren die de zaak voort zou zetten. Van dat laatste kan een hedendaagse boer niet meer zeker zijn. (…) Dat maakt de oude boeren tragisch: eenzaam zetten zij hun hakken in de modder, proberen zij een proces tegen te houden dat oneindig veel groter en sterker is dan zijzelf. Het geeft de romans gewicht, maar vooral een bredere betekenis. Veel meer dan over het oude, gaat het hier om de vraag hoe wij omgaan met het nieuwe. (…) Zo grijpt de door het lot geplaagde moeder in Sneeuweieren uiteindelijk naar de religie. Dat is niet alleen een zaak van persoonlijke zingeving, maar ook een sociale kwestie: ze is op zoek naar een gemeenschap. Dat in een boerenwereld op drift die zekerheid in de dorpskerk of het dorpsklooster wordt gezocht, heeft een zekere logica: de instelling is immers opgericht om het eeuwige en onveranderlijke te dienen. Maar ook wat dat betreft zit er een adder onder het gras met bredere maatschappelijke connotaties. Voordat ze zich bij de kerk meldt, schiet de vrouw uit Sneeuweieren de term ‘fundamentalisme’ te binnen. (…) Vrolijk zijn de conclusies niet op het boerenerf. Maar zoals vaak is het nieuws voor de literatuur beter dan voor de personages. Want de reikwijdte van deze op het eerste gezicht kleinschalige romans is groot. De boerderijen zijn hier in feite literaire proefopstellingen. De fictieve boeren zetten je aan het denken over veel meer dan het boerenbestaan alleen. Deze romans gaan over hoe mensen proberen houvast te vinden als hun bestaan op zijn grondvesten begint te schudden. Hoe ze zich dan aan het verkeerde vastgrijpen, op de vlucht slaan of wild om zich heen slaan. Waar het stedelijke straatrumoer nogal eens aan ruis en zielloos realisme ten onder gaat, slagen deze romans er wel in zinnige vragen te stellen, er antwoorden bij te bedenken en – het belangrijkst – er dan weer nieuwe vragen bij te stellen.
Trouw (16 februari 2008, door Rob Schouten): In de grote romans van na de oorlog zul je geen boer of plattelandsgemeente meer in de hoofdrol zien, de provincie dient er nog slechts als exotisch uitstapje. (…) Maar het platteland lijkt de laatste tijd bezig met een literaire comeback. Nu in de stadsstaat Nederland dorp en boerenbevolking zo ongeveer van de kaart zijn geveegd en herstel van de natuur, zo vaak strijdig met het boerenbedrijf, de voorrang heeft gekregen, steekt een romantisch verlangen naar een soort oer-Holland met oer-Hollanders de kop op. Zoals de negentiende-eeuwers terughunkerden naar een feodale wereld vol ridders en jonkvrouwen, zo hunkeren wij terug naar een wereld van eenvoudige emoties, van harde werkers die met hun handen iets opbouwen. Sneeuweieren van Ricus van de Coevering (…) is natuurlijk in wezen een boerentragedie: de dreigende snelweg, de zoon die niet wil, de ondergang van het bedrijf.
In recensies van andere romans:
“Kromzicht van Max Niematz doet denken aan recente met recht geprezen romans als Sneeuweieren van Ricus van de Coevering.”
– NRC Handelsblad
“De openingsbladzijden van Paradiso, de nieuwe roman van Kees van Beijnum, zijn schitterend. Het lijkt erop dat Van Beijnum een stevig statement heeft willen maken, en wel het volgende: Gerbrand Bakker en Ricus van de Coevering en wie allemaal nog meer in staat zijn Nederland zo mooi en weemoedig te beschrijven, doe maar weer even een stapje opzij, want hier kom ik!”
– Het Parool
Reacties van boekhandelaren:
– Jan Huiberts, boekhandel Linnaeus Amsterdam: “Ik kon Sneeuweieren vanochtend in de trein nèt niet uitlezen, jammer genoeg, nu moet ik tot vanavond wachten… Een prachtig (triest, aandoenlijk, spannend) verhaal en een mooie sfeertekening van een boerderijleven. Ik ga ‘m met enthousiasme verkopen aan klanten!”

– Bea Stroucken, boekhandel v.d. Moosdijk Someren:“Gisteravond heb ik Sneeuweieren uitgelezen. Een zeldzaam mooi verhaal. Het pakte mij al meteen vanaf het begin en dat is zo gebleven. De spanning, het onverwachte einde (je weet wel dat er iets gaat gebeuren, maar wat dan en met wie…) en de goed uitgewerkte karakters maken het voor mij een topper.”

– Ronnie Terpstra, boekhandels Van Der Velde Leeuwarden: “Een knap gecomponeerd drama. Er hangt iets boven Sneeuweieren dat zich niet laat vangen maar het geheel een onheilspellend contragewicht geeft, dat het pas op de laatste pagina doet kantelen.”

 Ineke Verkaaik, boekhandel Verkaaik Gouda (De beste boekhandel van 2006): “Als boekverkoper is het genieten om de consument te attenderen op een hele mooie roman. Sneeuweieren is wonderschoon geschreven, dicht op de personages. Prachtig. Dit boek moét je lezen!”